Algemeen
In de geschiedenis van synthesizers zijn er diverse hoofdstromingen te onderscheiden. De analoge bakbeesten van vroeger (en de moderne virtuele analoge varianten) zijn zo'n stroming. Sample-based synthese (en dan rekenen we wavetable-synthese ook mee) is natuurlijk ook een grote stroming, die pas eind jaren 80 goed en betaalbaar op gang kwam door goedkoper wordend computergeheugen. FM is ook zo'n stroming, vooral een erg eigenzinnige die enige inspanning van de gebruiker vraagt. Dit zou je de drie hoofdstromingen kunnen noemen. Dan heb je nog het zelden gebruikte additieve synthese. Gewoon wat minder populair, niet omdat de resultaten niet goed zijn, maar omdat 't al gauw wat te omvangrijk is om er iets mee te kunnen. En je hebt physical modeling! Dit werd in de jaren 90 ineens bekend bij het wat grotere publiek als antwoord op de wat statisch klinkende kleine samples die toen in keyboards en synthesizers zaten. Het is typisch een voorbeeld van een klankmodel dat nooit echt van de radar is verdwenen, maar ook weer niet echt lekker is doorgebroken. Veel gebruikers zijn zelfs gewoon blazers die met hun wind-controller diverse 'physical models' bespelen. Want ja, waarom niet? Als je klarinet speelt wil je misschien ook wel een keer hobo spelen, niet dan? Er zijn niet heel veel fabrikanten die er iets mee doen, zo'n lege situatie levert een niche op waar een bedrijf als Aodyo in is gesprongen, met de Anyma Phi.
Eigenschappen van de Aodyo Anyma Phi
Deze machine heeft de vorm van een desktop-module, je hebt dus een MIDI-bron (zoals een klavier) nodig om ermee te spelen. Eén detail is wel noemenswaardig: onder het display zit een plekje waarop je kunt 'tappen', dat triggert de engine, wat weer leuk is voor percussieve klanken. Kortom, laten we eens kijken wat we met de Anyma Phi kunnen doen. Er zitten diverse modellen in, zoals de geplukte snaar, rieten, kopermondstukken en membranen. Dit is wellicht wat lastig te relateren aan de eerder genoemde hoofdstromingen waar oscillatoren en filters de kar trekken, maar dit is nu eenmaal hoe physical modeling werkt. Het bootst de realiteit na. Als je bij een fluit zou willen overblazen moet je bij de klassieke synths best wel wat moeite doen om dat effect te bereiken, en 't is lang niet altijd mogelijk. Bij een physical modeling-synthesizer hoeft je amper moeite te doen omdat 't overblazen simpelweg een deel is van het gebruikte model. Een mooie samenvatting kan zijn dat een physical modeling synthesizer zich gedraagt zoals akoestische instrumenten zich gedragen, ook als de klank niet lijkt op een instrument dat je kent.
Een bredere horizon
Het gedrag nabootsen van akoestische instrumenten is dus leuk voor akoestische instrumenten. Maar net zo leuk (misschien wel leuker zelfs) is 't om totaal nieuwe klanken te verzinnen, en daarin schuilt de grote kracht van de Anyma Phi. Ga maar na, je zou met de vintage klassiekers allerlei klanklandschappen kunnen verzinnen met uitsluitend een zaagtand of blokgolf. Reken maar eens uit hoeveel nieuwe en ongekende mogelijkheden je krijgt als je op diezelfde manier een akoestisch model uitbuit. De Anyma Phi is dus vooral een epische ontdekkingsreis naar klankwerelden die we nog niet kennen maar die ergens wel een akoestisch/menselijk karakter hebben. Dat is dan ook de doelgroep die we zien voor dit apparaat: audio-avonturiers. Ben je meer thuis in virtuele orkestraties, dan is de kans groot dat de Anyma Phi wat te experimenteel klinkt. Wat niet direct betekent dat de Anyma Phi geen plaats heeft in dergelijke studio's, maar z'n experimentele rol weegt hier wel het zwaarst.
Verdere mogelijkheden
Editing kan met het apparaat zelf, maar voor een wat groter overzicht kun je ook een Mac of PC gebruiken met software. Je kunt de Sylphyo (ook van Aodyo) gebruiken om de Anyma Phi aan te sturen. Er zijn zelfs inputs, dus je kunt dit apparaat ook gebruiken als effectmachine, of leuker nog: een extern signaal gebruken om de eigen physical modeling aan te sturen. We hebben het steeds over akoestische instrumenten, maar de Anyma Phi kan ook virtueel analoog klinken (denk aan de CS80 en de Kobol). Ook voor FM en phase-distortion is er plaats. In totaal zijn er 52 oscillatortypes, 35 soorten effecten en 46 modulators. Het apparaat is in principe monofoon, maar er is ondersteuning voor driedelige parafonie. Een arpeggiator is present, en voor wie niet van het zelf tweaken van klanken houdt is er een random patch generator. Er zijn dus heel veel bijzondere mogelijkheden, en als je dan naar de prijs kijkt is het helemaal geen gekke investering. Zoals we eerder stelden: er zitten niet veel spelers in dit segment van de markt, dus je kunt zo'n apparaat niet zomaar ergens mee vergelijken. Het is een bijzonder apparaat, en dat is 't!